| Naam | Heer der heerlijkheid Kessel Tobias [Tobijas] Sijdenhage [Seijdenhagen] [Sijdenhagen] [Sijdenhaagen] [Zijdenhaagen] | |
|
||
| KesselZegel.JPG Op het 14e-eeuws schependomzegel (1393) staat reeds de lindeboom met daaraan hangend het wapenschild van de oorspronkelijke lokale heer uit het geslacht van Kessel. De linde was in historische tijden een rechtssymbool, het zegel geeft dus aan dat de schepenen gesymboliseerd zijn door de linde en de heer door het wapenschild. Hetzelfde wapen werd,… |
||
| Doop (CHR) | donderdag 10 okt 1709 | |
| Geslacht | Mannelijk | |
| dinsdag 6 feb 1742 | Zaandam |
|
| 6 Februari 1742 gaat Tobias opnieuw naar de notaris om een testament te maken. Hierin wordt Grietje de Bruijn, anders genaamd Zijdenhaagen, zijnde een minderjarig kind bij testateur woonachtig, behoudens een aantal uitzonderingen tot universeel erfgename benoemd. | ||
| 1743 | Zaandam,op de Dam |
|
| in een huis, staande aan en benoorden de Dam, op en beoosten de Duikersluis, dit is de plaats waar nu ongeveer de apotheek van Heijnsbergen gevestigd is | ||
| dinsdag 5 feb 1760 | Amsterdam |
|
| Op 5 februari van dat jaar gaat hij naar notaris J Ploos van Amstel te Amsterdam om opnieuw testament te maken. Het blijkt dat ook zijn tweede huwelijk kinderloos was gebleven en dat zijn aangenomen kind Grietje de Bruijn nog bij hem is want dit nieuwe testament doet weinig afbreuk aan het oude van 1742 | ||
| maandag 26 apr 1762 | Amsterdam [1] |
|
| Machtiging/Proclamatie in de Notariële archieven Geregistreerden Wolfert van Hemert Tobias Sijdenhage Dirk Cloes Lutkeman Bronvermelding Stadsarchief Amsterdam Stadsarchief Amsterdam te Amsterdam, Notariële archieven Deel: 11414B, Periode: 1762, Amsterdam, archief 5075, inventarisnummer 11414B, 26 april 1762, Notariële archieven, aktenummer 475975 | ||
|
||
| vrijdag 6 dec 1771 | Amsterdam |
|
| betreft 't schip genaamt de Jonge met goederen geladen tot Gottenburg, hetwelk onder het opzeijlen na dese Stad [Amsterdam] het ongeluk te hebben gehad op de Kreupel bij Enkhuijsen in de grond te stoten op de Eerste October 1771. Clausul van Substitutie betreft Bergloonen van diverse Visschers of Bergers van Lading en gereedschappen van de Schipper Ale Pieters bevat geen handtekening van Sijdenhage, hij gaf slechts schriftelijke orders als geconsigneerdens der goederen | ||
| maandag 17 mrt 1777 | Amsterdam |
|
| het laatste testament (het “beroemde!) van 17 maart 1777, opgemaakt door de Amsterdamse notaris Hermannus de Wolff Junior; zijn aangenomen dochter Grietje krijgt nog slechts elk jaar honderd gulden en zo'n bedrag laat hij ook na aan een ieder van zijn knechts en meiden die het laatste jaar van zijn leven bij hem woonden; De gehele inboedel en in 't Generaal alles, wat in den ruimsten zin onder de benaming van inboedel, kleederen en lijfs toebehoren begrepen kan werden, gaat naar zijn weduwe Johanna Olfers; bovendien alles wat Tobias zal ontruimen en nalaten, waarbij speciaal genoemd wordt het recht op de titel Vrouwe van Kessel. Vele pagina's worden nog beschreven om de rechten van zijn huisvrouw Johanna veilig te stellen, enige nichten en hun nazaten krijgen nog toebedelingen. Mochten beide echtelieden zijn overleden dan komen er de passages in werking die er op neer komen dat Heer Testateur tot zijn eenige en universeele erfgenamen te noemen en te institueeren en zulks in alle zijne natelatene goederen, zo Leen als allodiale, niets uitgezonderd, de gemeene armen te Oost-Zaandam, staande onder de directie en administratie van de Wees- en Armen-Vaders aldaar, edog niet anders dan onder de volgende conditien en uitdrukkelijke bepalingen, mitsgaders belasting van te doene uitkeeringe; verder worden nog genoemd: aan Hendrik Timan, zoon van wijlen zijn Testateurs tegenwoordige huisvrouws halve Broeders dogter, mede eene somme van een honderd guldens jaarlijks; zijn leven lang gedurende; Na aftrek van alle verplichtingen en lasten zullen uit de vruchten en niet uit het kapitaal van zijn zakelijke belangen worden betaald de volgende legaten: aan Peternelletje de Geus, weduwe van Pieter de Jager, zijnde een dogter van des Testateurs Moeders Broeder, en bij haar vooroverlijden aan hare kinderen en verdere Descendenten bij representatie voor de eene helft van 9/10 parten; aan Johanna Sijdenhagen, getrouwd met Gerrit Kuijlenburg, zijnde een dogter van Tobias Sijdenhagen, die een zoon was van des Testateurs vaders Broeder, en bij haar vooroverlijden aan hare Descendenten bij representatie, voor de wederhelft van 9/10 parten; de overgebleven 1/10 part is voor het weeshuis > blijvende wijders het overige Tiende part van dezelve revenuen aan en ten behoeve van des Testateurs voorschreeve geïnstitueerde Erfgevamen ter distributie van de voorschreeve Wees- en Armen Vaders, die daarentegen ook, na dat de Boedel tot Liquiditeit gebragt, en aan hun overgeleverd zal zijn, de administratie gratis zullen moeten voeren, zonder dieswege iets te mogen in rekening brengen, aan dewelken de voorschreeve negentiende parten in de zuivere vrugten zullen moeten werden uitgekeerd; zijnde zijn Testateurs intentie en uitdrukkelijke begeerte, dat de vrugten en revenuen van zijn Testateurs nalatenschap tot een permanent en Eeuwigdurende fonds zullen dienen tot onderhoud of betere subsistentie van zijn voorschreeve Nigten Pieternelletje de Geus, weduwe van Pieter de Jager, en Johanna Sijdenhagen, getrouwd met Gerrit Kuylenburg, en van derzelver Descendenten bij Lineale Successie in het oneindige, en zo lang er eenige van derzelve gevonden werden. Mochten alle genoemde erfgenamen en hun afkomelingen ontbreken dat zullen verdere uitkeringen ophouden en dus de voorschreeve Wees- en Armen Vaders de vrije dispositie van Capitaal en Interesten ten behoeve van hunne Armen hebben. Het testament werd gepasseerd ten woonhuize van Notaris H de Wolff jr op de Bloem of Oude Deventer Hout-Markt tussen de Wijde en Rosemerijns Steegen; gemeentelijk archief Amsterdam, notariële archieven nr 13249 | ||
| vrijdag 24 apr 1778 | Kessel |
|
| begrafenis van zijn huijsvrouw Welgeb Vrouwe Jannetje Olferts | ||
| Tenminste n, nog levende, persoon is verbonden aan dit item - detailgegevens worden niet weergegeven. |
||
| Overlijden | donderdag 31 dec 1778 | |
| vrijdag 8 jan 1779 | Zaandam |
|
| werd begonnen met de inventarisatie van zijn bezittingen en op 19 maart 1779 werd die ondertekend en gesloten. Hij had vaste goederen in: de heerlijkheid Kessel; een hofstede genaamd Overdam (complete boerderij) gelegen bij Houten (Utrecht); verder in Zaandam een achttal huizen; 13 stukjes land in Oostzaan; ook mislukkingen in zogenaamde windhandel; waarde papieren zoals lijfrente, hypotheken, schuldbekentenissen bijvoorbeeld: Claas Schaft te Oostzaan f 99,--; aan contanten f 1947-3-4; een onvoorstelbaar grote hoeveelheid drank waaronder likeuren, witte en rode wijn en Joopenbier, kruiden en kruidenierswaren, alsmede rommeling en gedistilleerd; verder nog meubelen, goud, zilver en juwelen; (Delfs)porselein, instrumenten; maar ook kleding, huissieraden, koeien, paarden en rijtuigen, het hield niet op. | ||
| vrijdag 12 mrt 1779 | Alkmaar |
|
| 20 Transport Obligatie a f 800: door Meerten Boon aan den boedel van Tobias Sijdenhage 23 Maart | ||
|
||
| SijdenhageTobiasTransport1779.JPG transport-1779; 21-9-2023 14:46:39 naar TNG; 20 Transport Obligatie a f 800: door Meerten Boon aan den boedel van Tobias Sijdenhage 23 Maart |
||
| zaterdag 17 apr 1779 | Alkmaar |
|
| N059 17. Transport Obligatie door de Heer Pieter van der Wolff ten behoeve van de administratie van den boedel van wijlen de Heer Thobias Sijdenhaagen; idem > komt nog een keer voor maar gedateerd 17 april 1780 | ||
|
||
| SijdenhaagenThobias66029boedeltransport.JPG N059 17. Transport Obligatie door de Heer Pieter van der Wolff ten behoeve van de administratie van den boedel van wijlen de Heer Thobias Sijdenhaagen |
||
| zaterdag 12 sep 1891 | Zaandam |
|
| Uit Algemeen Dagblad en op 19-9-1891 ook in de Emmer courant, weldra volgden nog drie andere kranten: - Door zekeren Tobias Sijdenhage, te Zaandam gewoond hebbende, werd bij testament dd. 17 Maart 1773 zijn nalatenschap onder beheer gesteld van de regenten van het Wees- en Armhuis aldaar, om daarvan de renten te doen uitkeeren voor 9/10 aan een nichtje van den erfsteller, of haar nakomelingen, en voor 1/10 aan het Wees- en Armhuis. Dat kapitaal moet vroeger nogal zeer belangrijk zijn geweest; het schijnt thans nog ruim ƒ48OOO, te bedragen, ingeschreven op het Grootboek N.W. S. Eon deel der erfgenamen vermeent thans meer renten te kunnen maken, terwijl anderen vermeenen aanspraak te hebben op verdeling van het kapitaal, wat volgens het testament mogelijk schijnt, waarom zij zich gezamenlijk tot de regenten van het Algemeen Wees- en Armhuis te Zaandam hebben gewend, mot verzoek tot losmaking en verdeeling van hun kapitaal. Daar de regenten zich niet ongenegen vorklaren daartoe mede te werken, bestaat er alle kans dat een kapitaal na bijna 120-jarige rust zal worden verdeeld, en daar het den erfgenamen meest allen zeer welkom zoude zijn en er zelfs bedeelden onder hen zijn, kan men nagaan hoe verlangend de uitslag hiervan wordt tegemoet gezien | ||
| woensdag 30 nov 1938 | Zaandam |
|
| Uit Zaans volksblad: sociaal-democratisch dagblad Twee legaten Echter is tweemaal een groot legaat aan het Wees- en Armenhuis vermaakt. Bij testament van 17 Maart 1777, opgesteld door notaris Hermannus de Wolff Junior te Amsterdam, verklaart „de WelEdele heer Tobias Sijdenhage, Heer van Kessel, Canunnik in het Capittel van Oud Munster te Utrecht", na aftrek van een aantal legaten, „tot zijn enige en Universele Erfgenamen te (be-)nomen... en zulks in alle zijne natelatene goederen, zo leen- als allodiale, niets uitgezonderd, de gemene armen te Oost-Zaandam, staande onder de directie... van de Wees- en Armen- Vaders aldaar... onder de volgende Conditien... (en) belasting van te doene uitkeringen" (die dan worden genoemd). Wees- en Armevaders hebben jaarlijks aan Burgemeesteren van Oost-Zaandam rekening en verantwoording af te leggen. Zijdenhagen (of Sydenhage) was een grossier en koopman te Oostzaandam, over wien men in notariële stukken eigenaardige mededelingen aantreft. Het is hem blijkbaar zó goed gegaan, dat hij zijn behoefte om te schitteren in de maatschappij kon voldoen door koop van bovengenoemde heerlijkheid. Enige tijd later, in 1789, heeft Jacob Baltesz, Pennernes (van wien naar ik meen nog verwanten in de Zaanstreek wonen) het Armhuis te Oostzaandam bedacht met een legaat van ƒ 25.000." Aan het opstel van Lootsma ontlenen wij verder o.a. nog: „De roep van weldadigheid, die de Zaanstreek wijd en zijd heeft bezeten — en terecht: bij haast alle collectes, die bij binnen- en "buitenlandse noden werden gehouden, stond zij in offervaardigheid steeds in de allervoorste rij — lokte vele „economisch-zwakken" naar de boorden der „silveren Saen". Maar men was hier niet bepaald op deze immigranten gesteld! Een in 1618 uitgevaardigde keur, in '48 hernieuwd, verbiedt aan „buytenluyden" een huis te verhuren zonder voorafgaand verlof; bij overtreding hebben verhuurder en huurder van iedere week een rijksdaalder boete te geven, waarvan de helft „aen 't Weeshuys tot Saerdam aen de Oost-sy" vervalt. Bovendien zal de verhuurder verplicht zijn zodanige personen „drie Jaren te houden/sonder de arme-Vooghden ofte Diakenen daer mede te belasten". In de Zaanlandse Oudheidkamer berust een stuk, dat tot opschrift draagt: „Jnwijinge van het Nieuwe Wees en Armen Huijs tot Oostzaandam — Geschiet den 1 februarij 1738". Dus na ruim een eeuw had het vernieuwing nodig. Het wordt in de tekst genoemd een „aensienelijke Godtshuijs", strekkend „tot Siraat" van het dorp. Of de degelijkheid ook zo groot is geweest? Immers: reeds een halve eeuw later, in 1777 of '78 is het weer vernieuwd. De bestekken van het metsel- en timmerwerk, in 1777 aanbesteed, worden te Haarlem bewaard. Tenslotte vermeldt Lootsma nog een en ander over het Weeshuis te Westzaandam. Dit heeft gestaan op het Stikkels- of Spinhuispad, d.i. de Noordzijde der tegenwoordige Stationsstraat. Het is waarschijnlijk gebouwd in 1636 of iets later. | ||
| vrijdag 1 dec 1939 | Zaandam |
|
| Uit Zaanlander een aanvulling op de tekst Twee legaten: De eerste vermelding ineen stuk is die van 31 Maart 1654 in het Dorpsrekeningboek aan Westzaandam, nl. uitbetaling door het dorpsbestuur van f 4 4 aan de Weeskinderen „voor luijen” en wel van de torenklok. Herhaaldelijk volgen later bedragen voor het dragen van kussens naar de kerk door de weezen. (Dit blijkt het bedrag voor een jaar te zijn de belooning is dus zeer gering geweest!) In 1655 is er een uitgave: „betaelt van decken van ’t weeshuijs f 8:5”. Als zoovele gebouwen te Zaandam had dus ook dit Weeshuis in het midden der I7e eeuw nog rietbedekking. Het was ook van hout, getuige een uitgave in 1657 voor „teeren aent weeshuijs”. In latere jaren gaan Dorps- en Kerkbestuur op het terrein van armen- en weezenverzorging uiteen. Inde uitvoerige aanteekeningen, die de heer J. Zwikker maakte uit de Resolutieboeken der Hervormde Gemeente aan de Westzijde, lezen we op 2 Februari 1771, dat de kerkeraad heeft besloten „een diaconie Huys te Stigten”. Tengevolge van het feit, dat Napoleon in 1881 Oost- en Westzaandam, tot dat jaar in het bezit van afzonderlijke besturen, tot één stad vereenigd werden beide Dorps- Wees- en Armenhuizen weer bijeengevoegd. Was hier een politieke gebeurtenis de aanleiding finantieel was het natuurlijk een practische daad. Hoe hadden „Godshuizen” (publieke en kerkelijke) in die jaren te worstelen met finantieele moeilijkheden. | ||
| zijn zaken omvatten een handel in wijnen en gedistilleerd, een kruideniersbedrijf, koffiebranderij, tabaksververij, handel in koloniale waren en zuidvruchten en een grossierderij in deze producten | ||
| Begraven | SijdenhageTobiasTestament.JPG testament van Heer der heerlijkheid Kessel Tobias [Tobijas] Sijdenhage [Seijdenhagen] [Sijdenhagen] [Sijdenhaagen] (I66029) en zijn nalatenschap na te zien bij het Zaans Archief, je moet daar wel naar toe want ze zijn nog niet digitaal in te zien. |
|
| Persoon-ID | I66029 | Oostzaan | foto's/data alleen zichtbaar voor donateurs |
| Laatst gewijzigd op | zondag 5 nov 2023 | |
| Gezin 1 | Grietje Cornelisdr Schnabbel ovl. 1742 | |||
| Huwelijk | donderdag 25 sep 1732 | Zaandam |
||
|
||||
| vrijdag 3 nov 1741 | Zaandam |
|||
| Op 3 November 1741 laten zij voor dezelfde notaris hun testament maken. Het blijkt dat Tobias vrouw ernstig ziek is; ze is begin 1742 overleden | ||||
| Kinderen |
|
|||
| Gezins-ID | F21717 | Gezinsblad | Familiekaart | ||
| Laatst gewijzigd op | zondag 5 nov 2023 | |||
| Gezin 2 | Levend | |
| Gezins-ID | F21699 | Gezinsblad | Familiekaart |
| Laatst gewijzigd op | zondag 5 nov 2023 | |
| Bronnen |
|
Deze site werd aangemaakt door The Next Generation of Genealogy Sitebuilding v. 15.0.2, geschreven door Darrin Lythgoe © 2001-2026.
Gegevens onderhouden door Bauke Folkertsma.